Casus Kollumerland

“En men vraagt zich af waarom er geen draagvlak is voor wind op land!”

dinsdag 2 december 2014

De casus Kollumerland (pdf) – één van de vele

Geschreven door: Wouter Vogelesang

In 1997 gaf de gemeente Kollumerland toestemming voor een windturbine bij een boerderij aan de Brongersmaweg 2. Bertus Nijhof en Bertha Hoiting – de buren op nummer 4 – maakten geen bezwaar want zij waren (en zijn) voorstander van duurzame energie. Zij waren dus bijna net zo trots als de eigenaar toen de turbine in 1998 voor het eerst ging draaien. Al maakte die turbine al wel direct meer lawaai dan hen was voorgespiegeld. Na twee jaar bleek de geluidsoverlast bij een beetje wind zo erg te zijn dat ze niet meer de slaap konden vatten in hun slaapkamer op slechts 170 meter afstand van de turbine. En dus verhuisden ze jarenlang bij wat meer wind naar een luchtbed in de woonkamer. Vanaf 2000 vroegen ze de buurman bij herhaling er wat aan te doen, maar dat leidde slechts tot ruzie.

Bertus Nijhof en Bertha Hoiting zijn natuurmensen en zijn in Kollumerland gaan wonen voor de rust en de ruimte. Die ruimte bleef, maar daarvan genieten was en is er niet meer bij want ook overdag is het lawaai van de turbine bij hardere wind overweldigend. Bertus bouwde muurtjes en overkappingen om het geluid te weren en isoleerde muren en plafonds. Alles tevergeefs. Uiteindelijk vonden ze weer wat meer nachtrust in een maximaal geïsoleerd slaaphok zonder ramen in een schuur zover mogelijk weg van de turbine. Blijft het bij schade aan woon- en leefgenot? Nee, want hun huis is onverkoopbaar – anders waren ze al lang vertrokken. Erger, zowel Bertus Nijhof als Bertha Hoiting hebben gezondheidsproblemen variërend van prikkelbaarheid tot hartritme-storingen.

In 2002 ging de eerste brief naar de gemeente en vele brieven later liet de gemeente in 2003 de geluidsproductie controleren – op een windstille dag. En dus liet de gemeente in 2004 weten niets te kunnen doen. Daarna jarenlang een reeks van gesprekken met wethouders en ambtenaren. De gemeente bleef er bij niets te kunnen doen: het is heel erg, maar helaas .. In 2011 maar weer eens een formeel verzoek aan de gemeente om handhavend op te treden, verzoek afgewezen, bezwaar gemaakt en uiteindelijk een advies van de Commissie voor de bezwaarschriften dat de gemeente actie moet nemen. Waarop de gemeente in 2013 een nieuwe geluidsmeting laat uitvoeren. De turbine blijkt niet te voldoen aan de normen van de vergunning van 1997, maar wel aan de nieuwe normen van het Activiteitenbesluit van 2010. En dus laat de gemeente wederom weten niets te kunnen doen.


Tegen zoveel juridisch formalisme hebben mensen als Bertus Nijhof en Bertha Hoiting geen verweer. Zoals de meeste mensen die overlast hebben van windturbines. Vanaf 2002 werden alle noodkreten van Bertus Nijhof en Bertha Hoiting aan de gemeente steeds op puur formele gronden terzijde gelegd. In 2013 opnieuw een verzoek om handhaving en een verzoek om een maatwerkvoorschrift vast te stellen op basis van de normen van de vergunning, weer afgewezen door de gemeente en een nieuwe hoorzitting. Dit keer met één verschil: een jurist/vrijwilliger vanuit de NLVOW gaf de gemeente even formeel lik op stuk als de gemeente dat al jarenlang deed met de verzoeken van Bertus Nijhof en Bertha Hoiting. Met als gevolg een advies van de Commissie voor de bezwaarschriften dat er niet om loog: ondanks jarenlange ontkenning is de gemeente wel degelijk bevoegd een maatwerkvoorschrift vast te stellen – sterker: moet de gemeente van die bevoegdheid gebruik maken. En, zegt de commissie fijntjes: tijdens de zitting erkende de gemeente zelf dat de turbine meer lawaai maakte dan de vergunning toestond – al jaren dus!

Na nog weer het nodige getreuzel is het dan eindelijk zover: op 7 mei 2014 – dus 12 jaar na de eerste klacht – stelt de gemeente een maatwerkvoorschrift vast met de geluidsnormen van de oude vergunning en met de toevoeging dat er gemeten moet worden volgens het toen geldende voorschrift uit 1981. En dus laten Bertus, Bertha en die NLVOW vrijwilliger op eigen kosten een geluidsmeting doen door een erkend bureau. Uitkomst: vanaf windkracht 3 – zacht briesje – maakt de turbine te veel lawaai. Bewijs geleverd, zou je zeggen, maar dat is buiten de waard gerekend. Inmiddels lag de zaak ook bij de bestuursrechter en – geloof het of niet – op de zitting op 12 november komt de gemeente met een nieuwe truc: “Sorry, edelachtbare, maar we hebben op 7 mei een vergissing gemaakt. We hebben per ongeluk naar het verkeerde meetvoorschrift verwezen: er moet gemeten worden niet volgens dat voorschrift van 1981, maar volgens een nieuwer voorschrift uit 1999”. En dan is er ineens helemaal geen sprake meer van teveel lawaai. Dus niks kat in het bakkie, maar het zoveelste konijn uit de gemeentelijke hoed! En wat doet de rechter? Die kan dan eigenlijk niets anders dan de gemeente een paar weken de tijd geven om de “fout” te herstellen. Daar is dus nu het wachten op.

Waarom duurt deze menselijk en bestuurlijke calamiteit nu al meer dan 12 jaar? In de kern omdat de gemeente zich verschuilt achter formele argumenten, kennelijk uit angst voor een schadeclaim van de eigenaar en daartoe aangezet door het ministerie van I&M dat maar blijft roepen dat gemeenten vooral geen maatwerkvoorschriften moeten gaan vaststellen. Tot een echte afweging van belangen – bijvoorbeeld gezondheid tegen geld – kwam het dus nooit en de menselijk kant kreeg al die jaren van de gemeente geen enkele kans. Zoals een woordvoerster van de Milieudienst het zo treffend verwoordde: “Het belang van het milieu gaat boven het belang van deze mensen”. Bescherming van vleermuizen en woelratten is belangrijker dan bescherming van mensen, zelfs als die mensen aantoonbaar ziek worden.

Criminelen worden in dit land eerlijker en menselijker behandeld dan Bertus Nijhof en Bertha Hoiting door de gemeente Kollumerland. En de Haagse politici maar praten over het versterken van draagvlak voor windenergie op land.

 

Deel deze informatie!Tweet about this on Twitter0Email this to someoneShare on Google+0