Dwarse omwonenden?

PDF Nationale Energie Verkenning 2015

Woensdag 14 oktober 2015

“Die omwonenden liggen nog steeds dwars”

Geschreven door: Albert Koers

Het is een indrukwekkend stuk werk, die Nationale Energieverkenning 2015 (NEV15). Kernboodschap is dat we in 2020 niet het EU doel van 14 procent hernieuwbare energie zullen halen, dat we blijven steken op 11,1 en hoogstens op 11,9 procent, dat het met de uitbouw van windenergie tot 2018 goed gaat, maar dat daarna de klad er in komt vanwege “maatschappelijke weerstand” die leidt tot een “weerslag op decentrale overheden” – waarmee bedoeld moet zijn dat gemeenten en provincies nog wel naar hun burgers luisteren en het Rijk niet. Daarmee is wind op land één van de redenen dat we die 14 procent niet in 2020 halen, maar pas in 2022. Foei!

Wind op land (en op zee) is in NEV15 maar een klein onderwerp – één pagina op een totaal van ruim 240 pagina’s? – maar toch is ook in NEV15 wind op land het onderwerp dat het beste laat zien waarom het fout gaat en zal blijven gaan met het Haagse duurzaamheidsbeleid: een zaak die mensen direct raakt in hoe ze leven, is verworden tot abstracte rekenmodellen en kosten-batenanalyses – tot “economisme” zou Jesse Klaver, GroenLinks, moeten zeggen als hij voor zijn eigen verhaal staat. Duurzaamheid gaat niet meer om gedeelde idealen en betrokken mensen, maar om cijfers en geld. Sterker: die mensen zijn eigenlijk alleen maar obstakels want, zo zegt ook NEV15 weer eens, de
reden dat het met de uitbouw van wind op land niet loopt zoals de plannen voorschrijven, is die “weerstand” bij burgers en de “weerslag” daarvan op (lokale) bestuurders. Hetzelfde oude liedje: het ligt aan al die mensen die dwarsliggen bij al die mooie plannen voor windparken. Maar waarom die mensen niet mee willen doen: die vraag wordt ook in NAV15 niet gesteld.

  • Al eerder heeft de NLVOW op allerlei manieren gezegd dat het niet aan die omwonenden ligt, maar aan de manier waarop ze worden behandeld, in het bijzonder door het Rijk.
  • De Nederlandse geluidsnormen zijn de slechtste van Europa en staan toe dat grote windturbines op 400 meter van een woning worden geplaatst, terwijl dat in andere landen minimaal 800 meter is en meestal nog meer.
    Het maken van plannen voor een windpark kost minimaal 4 tot 5 jaar. In al die jaren is het huis onverkoopbaar en als er dan eindelijk planschade kan worden geclaimd, is de uitkomst meestal een fooi en veel kleiner dan de waardedaling bij vrije verkoop.
  • Inspraak is een wassen neus en leidt nooit tot iets, de Crisis- en Herstelwet beperkt het recht van omwonenden om bezwaar te maken en in beroep te gaan bij de rechter en de Raad van State laat omwonenden systematisch in de kou staan.
  • En alsof dat alles nog niet genoeg is: het Rijk gebruikt de Rijkscoördinatieregeling om windparken door te drukken op locaties waar alle omwonenden en lokale bestuurders mordicus tegen zijn. En als een ambtenaar dat eerlijk zegt, wordt hij ontslagen!

En dan nog verbaasd zijn dat er sprake is van “weerstand” en “weerslag”?

Al eerder heeft de NLVOW – desondanks – bewezen dat er best met omwonenden te praten valt als ze maar op een fatsoenlijke manier worden behandeld.

  • Dat fatsoenlijk behandelen begint met het serieus nemen van omwonenden en hun grieven. Enkele provincies en gemeenten geven er blijk van dat ze die boodschap begrepen hebben – het Rijk nog nooit. Daarom roepen de Rijksprojecten de meest heftige tegenstand op.
  • Processen als “Fryslân Foar De Wyn” in de provincie Friesland en “Platform Windkracht 3” in de gemeente Emmen laten zien dat alleen al het zoeken naar manieren om lusten en lasten eerlijk te delen heel veel verschil maakt bij het versterken van acceptatie.
  • Het Rijk maakt zich ongeloofwaardig – is ongeloofwaardig – als het enerzijds de mond vol heeft over het belang van draagvlak, maar anderzijds daar zelf niets aan doet, terwijl het lokale overheden zodanig onder druk zet dat die er ook niets/weinig aan kunnen doen.

En dan nog verbaasd zijn dat die “weerstand” en de “weerslag” alleen maar groter wordt?

En als het specifiek om NEV15 gaat, dan is er in dat rapport heel wat in te vinden dat bevestigt dat omwonenden goede redenen hebben om op te komen voor hun belangen en rechten.

  • Als tot 2030 steenkool de overhand blijft houden bij de centrale productie van elektriciteit en gas bij de decentrale opwekking (p. 17 en p. 121 e.v.), waarom moeten omwonenden hun woon- en leefgenot opgeven vanwege een beweerd nationaal belang de CO2 uitstoot te beperken?
  • Als Nederland na 2022 elektriciteit uit fossiele brandstof gaat exporteren naar omringende landen (p. 18, p. 67 en p. 122), waarom moet er dan 6.000 MW windvermogen op land worden geplaatst? Zijn ook hier economische overwegingen belangrijker dan mensen?
  • Als de energierekening tussen 2015 en 2020 met ruim € 150 per jaar omhoog gaat (p. 18 en p. 162 e.v.), ook door een hogere “Opslag Duurzame Energie” voor het subsidiëring van al die extra windparken, waarom zouden omwonenden hun eigen ellende extra willen subsidiëren?
  • Als mensen met geld (en een hoog energieverbruik) die € 150 per jaar omlaag kunnen brengen door te investeren in besparing en/of PV-zon (p. 166 e.v.), waarom is het dan acceptabel dat mensen die dat geld niet hebben (soms veel) meer dan die € 150 per jaar kwijt zijn?
  • Als er veel meer innovatie-potentieel is voor wind op zee dan voor wind op land (p. 206), welk nationaal belang is er dan gediend met het doordrukken van wind op land ten koste van omwonenden? En ten koste van natuur en landschap. En ten koste van heel veel geld.
  • Als windenergie het (misschien) ooit zonder subsidie kan stellen in windrijke gebieden en met nieuwe technieken mits ook nog de afdrachten aan omwonenden worden beperkt (p. 117), dan is er maar één conclusie: van dit beleid hebben omwonenden niets te verwachten.

En dan nog verbaasd zijn dat “weerstand” en “weerslag” niet kunnen worden afgedaan als emotie?

NEV15 is een verkenning van de effecten van het huidige beleid en dus houdt het zich verre van het doen van aanbevelingen; het moment daarvoor is de evaluatie van het Energieakkoord in 2016. Niettemin roept NEV15 de vraag op of het zin heeft door te gaan met het huidige beleid en de huidige aanpak. Voor windenergie heeft het Rijk steeds gekozen voor een harde top-down – om niet te zeggen: repressieve – aanpak. Gaat het Rijk proberen die 14 procent in 2020 toch te halen met behulp van nog meer repressie? Of gaat het roer om en erkent het Rijk dat de verduurzaming van de samenleving – wat heel veel meer is dan de verduurzaming enkel van de energievoorziening – alleen maar van de grond komt als overheden en burgers het gezamenlijk gaan doen?

Als het Rijk zou kiezen voor nog meer dwang en druk op burgers en bestuurders, dan is voor windenergie de uitkomst perfect voorspelbaar: er ontstaat op korte termijn veel meer verzet en woede, het wordt nog onwaarschijnlijker de die 6.000 MW op land er ooit zullen komen en windenergie wordt wellicht een nagel aan de doodkist van het verduurzamen van de samenleving want steeds meer burgers gaan verduurzaming zien als Haagse dwingelandij en rekenzucht.

En terecht!

Deel deze informatie!Tweet about this on Twitter0Email this to someoneShare on Google+0