In de week van 12 oktober werd de NLVOW benaderd door de Volkskrant voor een artikel over de door staatssecretaris Bertram van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voorgelegde afstandsnorm van 2x tiphoogte voor windturbines op land. Het artikel beschrijft daarbij de situatie rond plannen voor windturbines in de Gelderse gemeente Lochem. Het idyllische buitengebied aldaar heeft wel uitzicht op de tv‑toren van Markelo, maar krijgt veel dichterbij tweemaal zo hoge windturbines.
Dit artikel, dat op 17 oktober in de gedrukte zaterdageditie en online werd gepubliceerd, laat opnieuw zien hoe windprojecten worden gepresenteerd alsof de impact beperkt is. In dat schoolvoorbeeld wordt bijvoorbeeld gesproken over “slechts” 300 getroffen woningen. Er wordt gewezen op het leveren van duurzame energie die in de praktijk onbetrouwbaar blijkt en daardoor de netcongestie juist verergert. De daarbij gebruikte visualisatie is weer een zoekplaatje. Argumenten volgen het bekende patroon uit de windsector, dat vaak (vrijwel) ongewijzigd in overheidsbeleid terugkomt.
Dat blijkt ook uit het voorstel van staatssecretaris Bertram: een afstandsnorm van 2× tiphoogte, met mogelijkheid tot nog kortere afstanden om projecten passend te maken. In het artikel wordt zelfs aangegeven dat verkorting van afstand tot woningen nodig zou zijn om één turbine extra te behouden — een duidelijk teken van de ongelijke positie van omwonenden.
De NLVOW ziet dat meerdere argumenten in de planvorming niet kloppen en dat het wegvallen van een derde turbine financieel nauwelijks gevolgen heeft. Dan is het logisch om deze turbine te plaatsen waar windopbrengst aantoonbaar hoger is, op de Noordzee, in plaats van in het windluwe Oost-Nederland.
